donderdag 5 april 2012

Pasen!

Dit weekend is het Pasen en kun je lekkere paaseitjes eten! Maar dat is niet waarom we Pasen vieren.
Vandaag is het Witte Donderdag, waarop het Laatste Avondmaal van Jezus herdacht wordt. Vlak daarna werd hij gearresteerd.
Morgen is het Goede Vrijdag en dan wordt herdacht dat Jezus gekruisigd werd en stierf.

Op zaterdag is het Stille Zaterdag, omdat dan alle kerkklokken stil blijven tot aan de Paasmis. Soms vertellen ouders aan hun kinderen dat de klokken allemaal naar Rome zijn gevlogen, om bij de Paus te zijn... Aan het einde van de zaterdag is het Paaswake en steken gelovige mensen kaarsen aan en bidden ze omdat ze geloven dat Jezus op die nacht weer is opgestaan uit de dood.
En dan is het Pasen op zondag en maandag! Met Pasen vieren christenen dat Jezus is opgestaan uit de dood en aan zijn apostelen verschijnt.

In het hele verhaal vind je geen paasei terug! Waar komen die dan vandaan?

Door de kerk was het vroeger verboden om eieren te eten tijdens de vastenperiode. Vasten duurt traditioneel van de woensdag na Carnaval (Aswoensdag) tot Pasen. Daarom aten mensen pas eieren tijdens Pasen en de oudste eieren werden mooi versierd.

Het verstoppen is al een hele oude traditie. Dat komt van de Germanen, die eieren begroeven in hun akkers, om ze vruchtbaar te maken voor het nieuwe jaar.

Veel plezier met het versieren, verstoppen, zoeken en eten van je paaseitje!

woensdag 21 maart 2012

Experiment: maak je eigen sfeerkaarsje met 'special effects'

!!! WAARSCHUWING: DIT IS EEN EXPERIMENT MET MESSEN EN VUUR !!!

! GEVAAR !

Wil je dit experiment zelf proberen? Vraag dan altijd een volwassene om je te helpen. Aan het einde zul je een mooi kaarsje hebben dat leuk staat op de tuintafel.

Dit heb je nodig:
  • mandarijn of sinaasappel
  • olijfolie (of andere plantaardige olie)
  • lange (barbeque-) aansteker
  • schilmesje
Dit moet je doen:
Stap 1:
Snijd de mandarijn doormidden, zodat je de bovenkant en de onderkant apart hebt. Peuter de halve partjes er voorzichtig uit, want je wil het witte strengetje als lont gebruiken. Eet de partjes op (hartstikke gezond!).

Stap 2:
Druppel voorzichtig wat olijfolie rond je 'lontje'. Doe er niet teveel olie in. Als je lont helemaal onder staat, zal je kaars niet branden. Het witte van de schil moet er nat uitzien.

Stap 3:
Plaats je kaarsje op een hitte-bestendige ondergrond en steek je lont aan met de barbeque-aansteker. Het kan ook met een normale aansteker of zelfs met een lucifer, maar dan verbrand je waarschijnlijk je vingers.

Stap 4:
Gebruik de schil die je overhebt om in reepjes te scheuren. Houd de schil een paar centimeter bij het vlammetje vandaan en vouw hem zo hard dubbel dat 'ie knakt. Je zou een klein steekvlammetje moeten zien!

Zo werkt het:
De halve schil werkt net als bij een theelichtje om de olie binnen te houden. De olie zuigt in de lont en verdampt. De olie brandt zelf niet, de damp wel! Daarom wordt je kaarsje aan de onderkant niet warm (zet hem voor de zekerheid toch maar op een veilige ondergrond). Als je de schil met de mooie glimmende kant naar de vlam toe breekt, ontsnapt er een beetje citrusolie en dat vlamt! Dat zorgt voor een steekvlammetje...
dit is niet de steekvlam die je met een sinaasappelschilletje kunt maken...

woensdag 14 maart 2012

Experiment: maak je eigen penicilline!

Penicilline is een zogenaamd 'antibioticum'. Dat is een medicijn waarvan bacteriën doodgaan en waarmee je ziektes kunt genezen die je kunt krijgen van bacteriën. Penicilline wordt gemaakt van een schimmel, die je eenvoudig zelf kunt kweken.

Dit heb je nodig:
- citroen
- schone, lege pot of blik
- water
- plastic folie of aluminium folie
- vergrootglas

Dit moet je doen:
Stap 1:
Doe de citroen in de pot of het blik. Doe er een paar druppels water bij en sluit alles goed af met de folie.

Stap 2:
Zet de opgesloten citroen minstens een week op een donkere plek, zoals de kelder of een keukenkastje.

Stap 3:
Neem na een week de citroen uit de pot of het blik. Bekijk hem goed met je vergrootglas. Je ziet allemaal groene donshaartjes. Zorg dat je de schimmelhaartjes niet aanraakt of er op ademt, misschien ben je wel allergisch!

Zo werkt het:
De groene, pluizige schimmel is eigenlijk een verzameling van miljoenen ééncellige plantjes die samen groeien. Het is dezelfde schimmel als in blauwe kaas en waarvan wetenschappers penicilline maken. Gooi na je onderzoek de pot of het blik met de folie en de citroen weg en was je handen. Je kunt de citroen ook nog gebruiken voor het experiment hieronder!


!!!Extra experiment!!!
Gebruik je geschimmelde citroen om ander fruit sneller rijp te laten worden.
Dit moet je doen:
Stop je geschimmelde citroen samen met onrijp fruit in een zak en leg deze weg. Leg ook wat onrijp fruit op een andere plaats, zodat je kunt controleren of de citroen verschil heeft gemaakt.
Controleer de zak na één dag en noteer je resultaten.
Dit gebeurt er:
De schimmel geeft ethyleen-gas af. Het gas van één citroen is genoeg om honderden stukken fruit sneller te laten rijpen. Was het rijpe fruit goed af voordat je het opeet!


dinsdag 6 maart 2012

Gezond = Gelukkig

Onderzoekers hebben van 5000 kinderen onderzocht of ze gelukkiger zijn door hoe ze leven. Wat blijkt? Jonge kinderen zijn vaak gelukkiger dan pubers. Natuurlijk verandert het leven van een puber heel erg: je gaat naar een nieuwe school, je lichaam verandert en je wordt zelfstandiger.
Dat zijn niet echt dingen waarvan je minder gelukkig wordt. Wetenschappers hebben ontdekt dat het te maken heeft met gezond eten en beweging.

Kinderen die veel groente en fruit eten, zijn ook veel gelukkiger dan kinderen die vooral veel chips en frisdrank gebruiken. Kinderen die ongezond eten, zijn vaker ongelukkig.

Soms lijkt het alsof je van snoep en zoete dingen blij wordt, maar dat duurt altijd maar kort. Je krijgt net zo veel energie uit een appel als uit één kleine mars, maar je doet veel langer met de energie uit een appel. Dat komt omdat je lichaam iets harder moet werken om alle voedingsstoffen eruit te halen. Je traint daarmee je lichaam van binnenuit en daar voel je je goed van!


woensdag 29 februari 2012

Schrikkeljaar / schrikkeldag!

Vandaag is het 29 februari, een schrikkeldag. Daar hoef je niet van te schrikken hoor. Het is een extra dag die één keer in de vier jaar voorkomt.

De Geschiedenis
De oude Egyptenaren wisten al in 237 voor Christus dat de aarde één hele ronde om de zon maakt als de aarde zelf 365 en een kwart keer is rondgedraaid. Daarom spraken ze af dat er om de vier jaar één extra dag in het jaar zit. Daar maakten ze een extra feestdag van!
 In de tijd van Julius Caesar, 45 jaar voor Christus, werd er een 'nummerloze dag' afgesproken: een dag zonder datum, tussen 23 en 24 februari. Dat is na een aantal jaren een extra dag geworden: 29 februari.
Later kwamen de geleerden erachter dat de kalender nog steeds niet helemaal klopte. Iedere 1000 jaar liep de kalender 8 dagen achter op de zon! Daarom hebben ze in de 16e eeuw tien dagen weggelaten. De week ging ineens van donderdag 4 oktober naar vrijdag 15 oktober 1582.
Om te voorkomen dat ze dezelfde fout zouden maken, werd afgesproken dat een je een schrikkeljaar altijd door vier kunt delen, behalve de eeuwen. Daarom zijn 2004, 2008 en 2012 wèl schrikkeljaren, maar is 2100 dat niet. Het jaar 2000 was wel een schrikkeljaar, omdat je het kunt delen door 400.

De Naam
Het woord "Schrikkeljaar" komt van het oude Middelnederlandse woord "scricken", wat betekent: met grote passen of springen.

Nog meer 'schrikkels'?
Er bestaat ook een schrikkelseconde. Dat is een extra seconde die ongeveer elk anderhalf jaar wordt opgeteld bij de gewone tijd, om kleine afwijkingen in de atoomklok bij te stellen.
een atoomklok

Alles over navelpluis

Misschien heb je het zelf, misschien heb je het wel eens bij iemand anders gezien: navelpluis. Zo'n wollig propje in je navel. Mensen hebben het al eeuwen lang, maar pas sinds kort weten we precies wat het is en waar het vandaan komt.

De Feiten


Jongens hebben het vaker dan meisjes, en grote mensen vaker dan kinderen. In de winter komt navelpluis vaker voor dan in de zomer. Meestal is navelpluis blauw.

De Vragen

  1. Wat is navelpluis eigenlijk?
  2. Waar komt navelpluis vandaan?
  3. Waarom is het meestal blauw?
  4. Waarom hebben jongens het vaker dan meisjes?
  5. Waarom hebben grote mensen het vaker dan kinderen?
  6. Waarom heb je in de winter meer kans op navelpluis?
  7. Welk kledingstuk geeft het meeste pluis?
De Antwoorden
  1. Navelpluis is gemaakt van dode huidcellen en vezels van je kleren.
  2. Navelpluis komt van je kleren die langs je lichaam schuren. Daardoor komen er vezeltjes en huidcellen los. Omdat de haartjes op je buik naar je navel wijzen, beweegt al het pluis daarnaartoe.
  3. De meeste mensen dragen kleding met blauwe vezels, zoals een spijkerbroek. Er komt daarom meer blauw pluis los.
  4. Jongens hebben langere en dikkere haartjes op hun buik dan meisjes. De vezels blijven daarom beter hangen.
  5. Grote mensen hebben meer haar op hun buik dan kinderen. Daarom 'vangen' ze meer vezels uit hun kleren.
  6. In de winter draag je meer kleren om warm te blijven. In de zomer draag je soms alleen zwemkleding en heb je een blote buik. Dan heb je geen vezeltjes om te vangen met je buikhaartjes...
  7. Dat is een vraag voor een experiment, omdat het bij iedereen anders kan zijn. Hieronder lees je hoe je het kunt onderzoeken.

Dit heb je nodig:
  • je navel
  • onderbroek
  • gewone broek
  • shirt
  • trui
  • vergrootglas
Dit moet je doen:
Stap 1
Probeer verschillend gekleurde kleding. Bijvoorbeeld een witte onderbroek, een blauwe spijkerbroek, een groen shirt en een rode trui. Je kunt dan later makkelijk herkennen waar de vezels vandaan komen. Als je 's ochtends gedouchet hebt, gebruik dan een handdoek met weer een andere kleur. Misschien komen daar ook wel pluisjes van in je navel terecht...

Stap 2
Draag je kleren de hele dag. Beweeg zo veel mogelijk, zodat je lichaam lekker veel vezels kan losmaken.

Stap 3
Controleer of er aan het einde van de dag een pluisje in je navel zit. Heb je geen pluisje? Dan zitten er niet zoveel haartjes op je buik. Misschien kun je aan je ouders of iemand anders vragen of die het experiment voor je wil doen.

Stap 4
Heb je een pluisje gescoord? Onderzoek het met het vergrootglas om te zien welke vezels er het meest inzitten. Heb je veel shirt-vezels? Of juist veel spijkerbroek-vezels? Misschien alleen maar onderbroekvezels...

donderdag 9 februari 2012

Test de dichtheid van water in vloeibare vorm en in vaste vorm!

Met het experiment hieronder kun je de 'dichtheid' van water testen, vergeleken met olie. Dichtheid heeft te maken met de allerkleinste deeltjes van een stof en hoe dicht die bij elkaar zitten. Die kleine deeltjes, de moleculen, zitten meestal vast tegen elkaar aan in een vaste stof en ze kunnen langs elkaar bewegen in een vloeistof.
In een vaste stof zitten de deeltjes dichter tegen elkaar, dus heeft die stof een hogere dichtheid dan wanneer die stof smelt en verandert in een vloeistof. Daarom zinken dingen met een hoge dichtheid door vloeistoffen met een lage dichtheid. Nu gaan we testen of dat ook zo is met water en ijs in een dubbel experiment!

Dit heb je nodig:
- een maatbeker
- een glas
- twee ijsblokjes (of ijspegels)
- olie (bijvoorbeeld zonnebloemolie)
- water

Dit moet je doen voor het eerste gedeelte:
Stap 1:
Doe het ijsblokje in de maatbeker. Giet water bij het ijsblokje, tot die net onder het water komt. Als het blokje blijft drijven, houd je hem onder met je vinger. Noteer hoeveel water er in de maatbeker zit.

Stap 2:
Laat het blokje los en wacht tot deze helemaal gesmolten is. Meet nu hoeveel water er in de maatbeker zit.

Dit gebeurt er:
De watermoleculen in het ijs zitten in een kristalvorm. De moleculen passen in het ijsblokje precies op elkaar, maar hebben meer ruimte nodig dan de moleculen die vrij kunnen bewegen in het vloeibare water. De dichtheid van ijs is dus lager dan de dichtheid van water! Als het goed is heb je dit gemeten in de beker - het ijsblokje had meer ruimte nodig dan het gesmolten water. Het leek waarschijnlijk alsof er minder in de beker zat bij de tweede meting.

Dit moet je doen voor het tweede gedeelte:
Stap 1:
Vul je glas voor de helft met olie. Denk je dat een ijsblokje in olie blijft drijven? Doe je ijsblokje in het glas met de olie.

Stap 2:
Observeer (kijk goed) wat er gebeurt als het blokje smelt!

Dit gebeurt er:
We hebben al getest dat ijs een lagere dichtheid heeft dan water. Dat komt omdat de moleculen verder uit elkaar staan in ijs dan in water. Nu heb je gezien dat ijs zelfs een lagere dichtheid heeft dan olie! Maar als het ijs smelt, zinken de druppels door de olie naar beneden. Het water heeft een hogere dichtheid dan olie!

Wil je eens iets nieuws proberen? Bevries maar eens wat olie en probeer dit experiment met bevroren olieblokjes! Je krijgt dan hele andere resultaten... Laat ons weten wat er gebeurt en je kunt een Mad Science goodybag winnen!!!